Une triste histoire’ – Lewenborg 1 hard onderuit tegen Sissa 1
door: Klaas Dijkhuizen
De geschiedenis herhaalt zich. Net als na de laatste wedstrijd tegen Groningen Comb. 1 kom ik weer met een waardeloos gevoel thuis, heb een korte en dus slechte nachtrust en sta ik gebroken op. Tussendoor maalt in de slaap de partij door in het hoofd. Simpele zetten en oplossingen passeren de revue.
In de keuken staat ’s ochtends de radio aan. Muziek van Michel Fugain komt de oren binnen. Het is ‘Une belle histoire’ – https://youtu.be/EgLoBUP5TbI . Eigenlijk besef je op zo’n moment pas wat een wonderschoon, relaxed en opbeurend nummer dit is. Het is een romantisch vakantieverhaal.
Ik sleep me met ‘nieuwe muzikale energie’ de dag door. Desondanks ging ook het vaste hardlooprondje hierna moeizaam. Wat kan een simpel schaakpartijtje toch langdurig na-ijlen. ‘Gelukkig is het maar een spelletje’, is mijn eigen veelvuldig herhaald devies om een en ander te relativeren. Romantiek als in het liedje was deze dag in elk geval ver te zoeken. Ik kon me ook nog niet zetten tot het schrijven van een verslag.
Donderdag 22 januari 2026, twee dagen later. De vierde externe NOSBO-wedstrijd was dus afgelopen dinsdag Lewenborg 1 – Sissa 1. Tegenvallers waren de afzeggingen van Bruno Jelic, eerste bordspeler en op het laatste moment ook nog Jan Wiebe van Veen. Douwe Pol (derde keer) en Rudy Frieswijk waren hun vervangers.
Sissa kwam op bezoek met gemiddeld 2006 aan rating. Lewenborg zette er 1863 tegenover. Dat het weer een zware avond zou worden stond als een paal boven water. Op naar de wedstrijd, waarvan ik door tijdgebrek veel heb gemist.
Bord 8 – Boudewijn Hoogeboom (LB, 1711, wit) – Wouter Maneschijn (1942): 0-1
Boudewijn moest opboksen tegen 231 ratingpunten extra. Hij vergat na een door zwart aangenomen d4-gambiet het c4-pionnetje weer in beslag te nemen. Hij kwam daarom moeizaam te staan, en met dus een langdurige achterstand van een pion. Vermoedelijk is hij langzaam maar zeker van het bord geschoven. Boudewijn verloor.
Bord 7 – Maarten Roorda (wit, 1913) – Douwe Pol (LB, 1860): 1-0
Douwe kwam met zwart in de Grand Prix aanval van het Siciliaans terecht. Qua rating was het nog de meest gelijkwaardige partij van de avond. Ook hiervan heb ik niets kunnen meekrijgen van het verdere wedstrijdverloop behalve dat hij het als één van de laatsten heel lang volhield. Hij zag f5 over het hoofd wat hem een pion zou opleveren, en maakte in tijdnood in een gelijkwaardige stelling een beslissende fout en moest ofwel zijn Dame geven via een paardvork of zich mat laten zetten.
Bord 6 – Rudy Frieswijk (LB, wit, 1725) – Niels Brand (1956): ½-½
Invaller Rudy had, net als Boudewijn, 231 ratingpunten meer tegenover zich zitten. Ook hier zag ik een Siciliaan op het bord komen. In het middenspel zag ik zowaar een interessante stelling voor Rudy. Vrijpionnen op de a- en b-lijn, die klaar stonden om naar de overkant te rennen. Wel twee torens op dezelfde lijnen er tegenover, maar met enige voorbereiding zou het misschien een kans op winst hebben kunnen opleveren. Of dit scenario ook is gevolgd, heb ik niet gezien. In elk geval heeft Rudy een knappe remise tegen de op papier veel sterkere Niels in de wacht gesleept.
Bord 5 – Gertjan Haan (wit, 2073) – Ramon Middeljans (LB, 1818): 1-0
Aan dit bord het grootste ratingverschil t.w. 255 in het nadeel van Ramon. Van het wedstrijdverloop heb ik nagenoeg niets meegekregen, maar Ramon verloor dus ook.
Bord 4 – Marcel Pouw (LB, wit, 1861) – Sjoerd Rookus (1980): 0-1
Van Marcel’s partij herinner ik me een ‘matachtige’ situatie in het middenspel. Een zwarte koning op h5, een open g-lijn, wit paard op f5, witte toren op b-lijn of iets dergelijks. Zwarts koning is dus vastgenageld, maar nog niet mat. Met een stapje van de witte koning leek de switch van de toren naar de g-lijn mogelijk en vervolgens zou er misschien mat gedreigd kunnen worden via g2-g3-h3.
Het vervolg heb ik gemist. Later stond er opeens ook hier een 0-1 op het scoreformulier. Er zat inmiddels een dramatische avond aan te komen voor de club.
Bord 3 – Kenneth Muller (wit, 2092) – Hiddo Zuiderweg (LB, 1984): 1-0
Hiddo kwam in een London-systeem terecht (d4 en Lf4 – opening). Sinds jaar en dag één van mijn favorieten vanwege de talloze combinatie- en offermogelijkheden als zwart de boel in de opening even te slap aanpakt. Wit opende al vroeg de aanval via de h-lijn, en met de witte koning nog steeds in het midden.
Hiddo antwoordde ogenschijnlijk actief op de damevleugel en kreeg ook mogelijkheden op tegenspel. Halverwege de partij waren er desondanks al offers van wit mogelijk (Ta1?). Was het doorslaggevend? Plotseling verscheen er ook een witte pion op g6 en dreigingen over h-lijn en g-lijn. Mat leek er als eerste voor wit in te zitten. De verdediging van zwart moest in elk geval super precies gevoerd worden. Opeens werden er handen geschud. Ook hier bleek het de overgave te zijn van Hiddo.
Bord 2 – Ton van Ingen (LB, 1973, wit) – Mathijs de Jong (2041): ½-½
Ook hier een opening als bij Hiddo. Dit keer met Ton aan de witte stukken. Hier kwam geen K-aanval op het bord, maar een moeizaam geworstel met de stukken in het centrum. Ton leek langzaam een iets moeilijker stelling te krijgen, maar laat in de avond werd toch tot remise besloten.
Bord 1 – Edim Salihbegovic (2052) – Klaas Dijkhuizen (LB, zwart, 1971): 1-0
Ik heb onbewust kennelijk een abonnement op de laatste partij van de avond. Tegen oud-clubgenoot kwam de Trompowski-opening (d4-Lg5) op het bord. Die speel ik met enige regelmaat zelf ook met wit. Met zwart heb ik mijn eigen openingszetten gekozen. Ook nu weer bleek het voldoende om snel al het potentiële gevaar van wit te beteugelen. Zodanig zelfs dat op de 16e zet de stelling volledig in evenwicht was en door mij remise werd aangeboden.
Edim sloeg het aanbod af. Al doorspelend verzuim ik tot twee keer toe een duidelijk en zelfs overwogen plan naar een potremise- stelling te kiezen. De stelling wordt daarna moeilijker en moeilijker, maar blijft dertig zetten lang redelijk in evenwicht. Ik maak een fout, het is al zet 46. Wit profiteert gelukkig niet. Edim probeert de boel te forceren, nauwkeurig spel van beide kanten is nu geboden. Wit bereikt langzaamaan winnend voordeel. Ik zit continu in tijdnood. De vermoeidheid laat zich ook nog eens gelden, bij ons beiden dus. Met 49.e6 geeft gelukkig ook Edim opeens al het voordeel weg. Remise komt nu toch echt in zicht. Het zou een terechte uitslag geweest zijn, maar …
In tijdnood en met 56….. c5 vergooi ik de partij. Met Kf5, wel in een flits in gedachten, was de zaak gered. Ik zag de fout direct en kon in feite ook direct opgeven, maar speel gefrustreerd nog een tiental zetten door. Het schaken is een hard gelag af en toe. ‘Une triste histoire’ in elk geval voor Lewenborg deze avond. Eindstand 1-7.

